| Ontmoeting in het bos |
|
|
|
| vrijdag, 04 maart 2011 21:16 | |||
|
Vrijdag doe ik mijn rondje van 12 km. De mist kwam door de takken heen maar als je haar probeerde te vangen was ze net weer te ver weg. Op een open plek probeerde ik toch met mijn multimedia ding een foto te maken. Achter mij hoorde ik een soort van kraaiende kindergeluidjes. Het waren twee jongens, of eigenlijk een man en een jongen. Het was duidelijk dat de ene de ander 'uitliet'. Ineens stonden ze naast mij. De jongen met de zwarte krullen keek naar mijn telefoon en wilde er bijna ín zo interessant vond hij het. Ben je zijn broer? vroeg ik aan de man. Nee, was het maar zo zei hij, hij ziet er zo engelachtig uit. Ik ben zijn verzorger.Nordin heette hij, de jongen met de krullen en donkerbruine ogen. Hij was ongeveer 12 jaar en keek mij nieuwsgierig aan en hunkerde naar mijn telefoon. Zijn verzorger hield hem stevig vast. U moet wel wat uitkijken, zei de verzorger, hij heeft mijn telefoon ook al kapotgemaakt. Waarom moest ik nou uitkijken? Waarom moest dit überhaupt gezegd worden net nu op het moment dat we kennis met elkaar gaan maken? Nordin stormde naar voren en ik moest uit alle macht de naar binnen geduwde oordelen van de verzorgen op afstand houden. Ik keek Nordin aan en dacht, jij bent een leuke vent, ik zet een muziekje voor je op. Ik startte ABBA en zijn ogen lichtten op. En daar waren we dus met zijn drieën in het bos, de verzorger liet de armen van Nordin langzaam los, ik lachte naar hem en hij lachte terug. Ineens pakte Nordin mijn hand en waren we aan het dansen in de mist. Hij kwam overal om me heen. U bent erg op u gemak met hem, dat vind hij fijn zei de verzorger. Voor mij hoefde hij geen uitleg te geven, ik wilde geen GZZ verklaringen voor deze wonderlijke jongen in het bos. Ik wilde alleen samen muziek luisteren en nieuwsgierig contact maken. Het is vaak dat in samenwerking met mensen het daar aan schort. Instanties, kilometers diagnose, behandelplan en protocollen. Ik wil eerst kijken. En het is waar, iemand ervaart het contact als veilig als je niet bang bent. Als iemand voelt: zij schrikt niet terug voor mijn afwijkingen en als het nodig is stelt ze me wel een grens. Dat is wat ik tegelijk in mijn praktijk doe. De eerst ontmoeting is ook een soort dans. Ik laat mij leidden en kijk waar het heen gaat. Maar daarbij zet ik mijn verwondering 'aan' en stel alle vragen, of doe uitspraken die in me opkomen. En belangrijk, wat is de reactie van de ander?Kun je wat zeggen, zei ik tegen Nordin, kun je tegen me praten? Hij maakte wat geluiden. Oké ook goed, dan praat je op jouw manier. Ik raad wel wat je zegt. Hij pakt mijn oordopjes begon er in te schreeuwen net alsof het een microfoon was. De verzorger vond dat niet leuk, ik wel. Wat heeft hij? vroeg ik de verzorger. Een autistische stoornis, hij kan niet zelfstandig leven. Quote uit diagnose boek: Een van de kenmerken van autisme is dat het kind geen plezier of bezigheden met anderen kan delen. Waar komt dat vandaan?! Ik weet al een tijdje dat ik en de gevestigde orde het niet altijd even eens zijn, maar nu heb ik bewijs! Wij zaten daar ontzettend te delen Nordin en ik. Het nummer was afgelopen, en ik moest mijn telefoon uitzetten want dan zou Nordin weten dat het klaar was. Met tegenzin haalde ik de telefoon uit ons blikveld. Waar woont Noridin, vroeg ik. In Cantecleer zei de verzorger. Oh, daar loop ik altijd langs als ik aan het hardlopen ben. Nou dag Nordin, heel leuk je te ontmoeten, dag verzorger! Oh nee dacht ik, nee Adélka, je bent al een grote gelaagde spekkoek, niet nog meer... Ach ja, toe maar dan, één laagje kan er wel bij. En in het hebben van een afwijking doen we niet voor elkaar onder.
|


