Waarom mannen geen coachopleiding volgen

Coachopleidingen worden overstelpt met vrouwen. Ik volgde dit jaar een opleiding bij fantastische antropologe Jitske Kramer, maar er zat geen man.

Bij andere communcatieworkshops en  coachopleidingen zie ik hetzelfde.
De provocatieve opleidingen geven een gemengd beeld. In mijn groep voor het najaar zitten alleen maar mannen. Ik ging eens nadenken hoe dit komt.

Vroeger, maar dan wel héél vroeger, waren er alleen nog maar mannelijke leraren. Boegbeelden die uw bloedjes van kinderen streng en rechtvaardig les gaven. Met psychologen, je had vroeger nog geen coaches, was het niet anders. Denk maar aan onze vader van de psychologie; Meneer Freud. Toegeven hij ziet er kek uit met zijn sigaar hiernaast.

Freud

In deze uiteenzetting baseer ik het idee waarom mannen geen coaches willen zijn, op een artikel over leraren van onze zuiderburen: Man in de klas? Een bedreigend ras. Lees hier het artikel als pdf of bekijk het artikel online

Net als voor mannen in het onderwijs is het voor mannen in de hulpverlening minder aantrekkelijk om coach te worden omdat dit beroep behoort tot de zachte sector. Manager is dan beter. Vroeger stond de leraar naast de dokter, de notaris en de pastoor. Dat kon je ook van de psycholoog zeggen. Ze genoten veel aanzien.
En dat is nu eenmaal wat mannen graag willen; een beroep met aanzien. En eerlijk is eerlijk, wij vrouwen houden ook van mannen met aanzien.

Even iets over kwaliteit, wie is er beter, de man of de vrouw?  Toen er een test gedaan werd bij de leraren wie er nu deskundiger was en betere kwaliteit  afleverde, scoorden de mannen en vrouwen gelijk. Meer vrouwen in het onderwijs maakt het onderwijs dus niet slechter, maar er wordt wel meer gewerkt vanuit vrouwelijke waarden, dat dan weer wel.  
Ik denk echter dat het niet gezond is voor cliënten om alleen vrouwen als coach te zien. Jongens en meisjes hebben vaak een andere aanpak nodig op school en ik denk dat dit in de speeltuin van het corporate leven niet anders is. Zelf merk ik dit aan mijn eigen kroost. Ik heb 3 jongens. En hoe goed ik mijn best ook doe en met al mijn psychologische technieken, leg ik het vaak af tegen mijn man ‘de techneut'. Om verstikkend jaloers van te worden. Maar ik merk het in elke vezel van mijn lichaam, ik raak soms niet de juiste snaar en heb doorgaans opmerkingen over ‘zachte zaken’ zoals niet vloeken, aardig zijn tegen elkaar en niet aan elkaar rukken en plukken.

Dan ben ik dus blij dat ik ook wel provocatief werk. Want dat is lekker stevig taalgebruik. Het is feitelijk, humoristisch en uitdagend. Precies wat mannen leuk vinden. En dat is waarom mannen wél coach moeten worden. Alleen misschien op een andere manier. Provocatief coachen doet aanspraak op het vrouwelijke deel, omdat we net als ieder ander coachingvorm er op gericht zijn de ander te helpen. Maar zeker ook op het mannelijke deel: niet te veel er omheen lullen, vragen naar feiten en details en stereotypen gebruiken. Het schiet lekker op, en daar houden mannen van. Maar er is altijd goed contact. En na de mokerslag weer lachen met zijn twee. Mannen kunnen even kortstondig een conflict met elkaar hebben en dan weer doorgaan. Dat leer je ook bij provocatief coachen. Bij vrouwen is die vaardigheid wat lastiger, kijk maar naar het stripje.

Ik wilde eigenlijk een oproep doen, meer vrouwen in de groep. Maar na dit geschreven te hebben denk ik, nee, waarom eigenlijk? Mannen kom vooral, dan hebben we een heuse mannen coach groep. En maken jullie het mij maar lekker moeilijk!  Want ik weet 20 jaar later nog dat...